Wat je zegt, gaat vanzelf – 67 opgewekte taalverhalen

Wat is dat voor boekje?

 

Eerst maar even de flaptekst:

 

We zijn geweldig in taal, allemaal!

Het is ronduit indrukwekkend wat we weten van onze moedertaal, wat we ermee kunnen, en hoe we dingen tot in de kleinste haarvaatjes aanvoelen. Al meer dan dertig jaar is het de missie van Liesbeth Koenen om de wereld dat te laten zien. Want met taal is het zo: je weet niet wat je weet, en dat je dat niet weet, weet je óók niet. Tot iemand het je vertelt.

De 67 verhalen uit Wat je zegt, gaat vanzelf bevatten voorbeelden die Koenen zelf prachtig, intrigerend, ergerlijk, grappig of merkwaardig vindt. Ze schrijft dat enthousiast, speels en met humor op. De conclusie: we zijn geweldig in taal, allemaal!

Voorproefjes hier:

De podcast beluisteren (vier afleveringen van drie minuten)

Een fragment lezen 

Een blik op hoe fraai Bureau Merkwaardig het boek vormgaf:

Wie het wat lijkt, kan terecht bij de boekwinkel of hier:

Het boek bestellen

De achtergrond

Dit is het boek geworden waarin ik alles kwijt kon. De hoeken, kanten, gaten, uitstulpinkjes van taal die me ooit getroffen hebben. Een samenballing van tientallen jaren gesprekken, boeken, lessen, artikelen vol onverwachte, soms overrompelende dingen. Anderen vertellen over de nieuwe blik op taal die me dat heeft opgeleverd, deed ik altijd al heel graag. Een motto, of een rode draad daarbij zou kunnen zijn:

Wat je dacht te weten klopt vaak niet, en je weet veel meer dan je dacht.

Een nieuwe, bijzondere gelegenheid om de wereld over de wonderen van taal te berichten,  kreeg ik vanaf 2014 van De Telegraaf. Die vroeg me toen tot m’n verrassing een wekelijkse taalrubriek te beginnen. We noemden ‘m simpelweg Taal!, en ik vond het een buitenkans, want ik was helemaal vrij ervan te maken wat ik wou. Dat deed ik jarenlang met veel plezier.

Voor Wat je zegt, gaat vanzelf heb ik de mooiste afleveringen uitgezocht, ze bewerkt en er nog wat nieuwe bij gemaakt om de staalkaart van volgens mij boeiende taalzaken lekker breed  te maken. Liefst zonder de termen die de taalkunde erop geplakt heeft, maar wel met de inhoud die veelsoortig taalonderzoek heeft opgeleverd. Dat was een prachtig compliment van de baas van de Taalunie, Hans Bennis, die ik bij de presentatie – in de leuke boekhandel Hoogstins – het eerste exemplaar gaf:  dat een kenmerk van mijn werk is dat het altijd echt ergens over gaat, dat er altijd inzichten in taal in zitten.

Reacties, recensies, gesprekken

Er volgde meer dat ik in m’n zak kon steken. Fijne tweets op Twitter.

Een recensie van Gaston Dorren, beter bekend als @taaljournalist, schrijver van onder meer Babel, maakte me buitengewoon blij. Hij had het boek gulzig verslonden, en schreef onder de kop ‘Kort en goed’ bijvoorbeeld dit: “Herejee, wat zou ik dat ook graag kunnen, zo schrijven. (Wat je schrijft, gaat namelijk helemaal niet vanzelf.) Beknopte stukjes, in korte zinnen, en dan toch allerlei taalkundige zaken uitleggen. Pakkend, helder en met humor. Clichés beschrijft ze als ‘de uitgeholde traptreden van de taal’, klagen over taal als ‘een ouderdomskwaal’.” En nog meer. Enfin, lees maar.

Zelf ging ik op de radio praten met Frits Spits, in de Taalstaat. Dat valt hier terug te luisteren.

Het leverde allemaal ook weer vrolijkmakende tweets en LinkedInreacties op.

 

 

Daarna kwam het filmpje online dat Marc van Oostendorp, die meer over taal schrijft dan wie ook, met me maakte voor Neerlandistiek.nl, waar hij hoofdredacteur van is. Hij vroeg me wat je hebt aan kennis over taal, dus waarom het zin heeft die (te proberen) door te geven. De video staat ook op zijn eigen YouTube-kanaal.

Weer wat later mocht  ik op bezoek bij beroemde Amsterdammer Rob Zwetsloot, die ook al, net als Marc van Oostendorp, een filmpje met me maakte. Toch weer heel anders geworden. Bedoeld voor de Amsterdamse lokale zender Salto, en ook gewoon hier te zien. En hieronder.

Woordhoek NRC

En vlak daarop nog meer lof. In zijn Woordhoek (Achterpagina NRC) noemt Ewoud Sanders drie Sinterklaascadeautjes. Wat je zegt, gaat vanzelf is er een. Citaat uit het artikel: ‘Het zijn mooi geformuleerde, scherpe, tot nadenken aanzettende stukjes.’ Waarschijnlijk is het hele  stuk alleen voor abonnees te lezen.

Opinie in ’t Afrikaans

Een dag later alweer zoiets leuks. Is me niet eerder gebeurd: een stuk in het Afrikaans! Naar aanleiding van m’n boek schreef lexicografe Jana Luther een opiniestuk voor Beeld – volgens Wikipedia de grootste Afrikaanstalige krant in Zuid-Afrika. Citaat: “So gaan dit met taal: Jy weet nie wat jy weet nie, en dat jy dit nie weet nie, weet jy óók nie.” Heerlijk om allerlei instemmende woorden te lezen: “Net so, dink ek. Onbuigsame voorskrifte, puntenerigheid skrik taalgebruikers af.” En echt behoorlijk goed te volgen volgens mij: “Waarop ons moet wys, is hoeveel gewone taalgebruikers rééds weet, wat hulle vanself goed kan doen, hoe bevredigend dit is om goed met taal te werk.” Dat bedoel ik!