door Liesbeth Koenen ©
20-01-2018
de Telegraaf
(rubriek: Taal!)

Taal!

Foetsie

‘Nou liefje, zal ik gauw een bakje koffie inschenken? Koekje? Hartversterkertje misschien?’

U weet het: klein is gezellig, knus, en onschuldig. Het is gewoon dolletjes waar we kalmpjes allemaal netjes tje en tjes aan vast kunnen plakken, of hun broertjes kje(s) en pje(s) en je(s).

Maar nog gezelliger en knusser is ‘Nou liefie, zal ik gauw een bakkie koffie inschenken? Koekie? Een pikketanissie misschien?’.

Nee, geen taal om aan te slaan in een brief aan de Belastingdienst of in een doorwrocht essay. Maar heerlijke taal voor alledag. ‘Kijk dat ukkie in z’n uppie fikkie stoken!’ ‘In je nakie wordt veel een makkie.’ Of zegt u nu ‘Jakkie, gekkie!’?

Vooral kje en pje veranderen we volgens mij graag in pie en kie. En steeds maakt die ie aan het end de dingen lekker gewoon, brengt ze dichtbij. We eten een informeel happie uit een blikkie, bijvoorbeeld een vissie, of een smakelijk soepie. En we maken een soppie, en halen dan een lappie over het hele zwikkie.

Het is vast geen toeval dat Peppi en Kokki zo heten. En ook niet dat het in Nederland barst van de Flappies en Snuffies onder de huisdieren.

De iets ouderen onder ons zagen vroeger op tv de ontroerende walrus Gompie, een pop die de gebeurtenissen becommentarieerde door zijn eigen naam te zeggen. En natuurlijk keken we naar de avonturen van Rikkie, met zijn apie Slingertje.

Vergelijk ook pappie en mammie. En dan heb je de voor mij onbegrijpelijk populaire aanspreekvorm ‘poepie’.

Gatsie. Ik zou zeggen: zeg dan moppie of droppie! Of als de ander iets stoms heeft gedaan ‘hè, dompie’.

Zelfs ‘Snappie?’ voor ‘Snap je?’ is potverdikkie uit hetzelfde hout gesneden.

Aan ons knusse verkleinen wijt ik al jaren het uitsterven van de junkie in Nederland. Junkies waren de reden dat je het veertig jaar geleden niet in je hoofd haalde een ommetje over de Amsterdamse Zeedijk te maken.

Lief en gezellig vonden we ze dus niet. Maar zo klonken ze wel. Dat we het woord uit het Engels hadden geleend maakte niks uit. We ontdeden ze van hun knusse ie en vormden ze om tot ‘junk’, meervoud ‘junks’.

Bijna niemand had het door. Maar foetsie was de junkie.